1/10
2/10
3/10
4/10
5/10
6/10
7/10
8/10
9/10
10/10
Naar boven >

Verbouw begane grond Goetheanum

Status //

Gerealiseerd, 2016

Locatie //

Dornach, CH

Projectsoort //

Alles, Interieur, Werken

Opdrachtgever //

Allgemeine Anthroposophische Gesellschaft
De afgelopen vier jaar werd het Goetheanum in Dornach (CH) stapsgewijs gerenoveerd. In aansluiting daarop werd ook het entreegebied op de begane grond nieuw ingedeeld en vormgegeven. Doel van deze verbouwing was om het gebouw toegankelijker te maken voor bezoekers en het een meer eigentijdse uitstraling te geven. Voor de vormgeving van de ruimten en het interieur tekende negen graden architectuur. 

Het Goetheanum
Sinds 1928 vormt het Goetheanum het kloppend hart van de antroposofische beweging. Het ontwerp voor dit bijzondere gebouw stamt uit 1924 en is van de hand van Rudolf Steiner (1861-1925), de grondlegger van de antroposofie. Het is het vroegste geheel in beton uitgevoerd plastisch vormgegeven gebouw en een belangrijk voorbeeld van de, mede door hem geïnaugureerde, ‘organische architectuur’. De expressieve vormgeving van het gebouw is enerzijds uitdrukking van Steiners spirituele mens- en wereldbeeld en anderzijds ontwikkeld vanuit het karakter van het heuvelachtige Jura-landschap met zijn beboste hellingen en kale rotswanden. Na bijna 90 jaar intensief gebruik, was het gebouw aan een grondige renovatie toe. Een deel van de natuurstenen dakleien moest vervangen worden, de gevel gesaneerd, de terrasbedekking vernieuwd en de gehele toneelinstallatie vervangen. Daarnaast bleek het wenselijk om in het bestaande interieur een aantal nieuwe werkruimten te creëren en de indeling efficiënter te maken. Nadat daarvoor intern een eerste concept was ontwikkeld, werden in 2014 drie architecten uitgenodigd om hun licht hierop te laten schijnen en alternatieve voorstellen te doen. Uit deze drie architecten werd Yaike Dunselman gekozen voor de verdere uitwerking van de plannen.

Het interieur
Na de dood van Rudolf Steiner in 1925 werd het interieur van het Goetheanum in fasen voltooid naar ontwerp van verschillende architecten. Hierdoor ontstond een grote diversiteit in vormgeving maar geen helder en samenhangend concept. Met name voor de vele duizenden, veelal buitenlandse gasten die het gebouw jaarlijks bezoeken, was dit soms lastig. Bij binnenkomst was onduidelijk waar men moest zijn of toegangskaarten kon verkrijgen. Een herindeling van de begane grond moest daarin verandering brengen, het interieur een heldere structuur geven en het geheel een uitnodigend en eigentijds karakter verlenen. Met name dat laatste vormde een bijzondere uitdaging: hoe kon een vormgeving ontwikkeld worden die recht deed aan de eigenheid van dit bijzondere gebouw en die tegelijkertijd een open en eigentijds karakter had?

Functionele herindeling
Een eerste belangrijke ingreep was om de hoofdentree, die zich tot dan toe aan de zuidzijde bevonden had, te verplaatsen naar de westzijde waar hij oorspronkelijk bedoeld was. Daartoe werden ook de voetpaden naar het gebouw zo aangepast dat de bezoekers hier nu op een vanzelfsprekende wijze heen geleid worden. Naast de drie bestaande toegangsdeuren in de westgevel werden twee verticale ramen aangebracht. Deze ingreep in de buitenhuid zorgt ervoor dat meer licht in het entreegebied en de nevenruimte komt.

Een volgende stap was om de, voor de bezoekers belangrijke ruimten, direct aan deze nieuwe hoofdentree aan te sluiten. Vanuit het verruimde entreeportaal kunnen de bezoekers nu direct rechts naar de receptie en links naar de garderobe. Rechtdoor komt men in het centrale trappenhuis dat toegang biedt tot de foyer en de hoger gelegen voordrachts- en toneelzaal. Vanuit de nieuwe receptie wordt de blik al getrokken door een glazen wand naar de centraal gelegen cafetaria in de ‘Wandelhalle’. Deze biedt aan de zuidzijde zicht op het landschap en ontvangt vanuit het noorden daglicht vanuit een patio die bij mooi weer tevens als terras gebruikt kan worden. Naast de garderobe bevindt zich de verkoop van kunst en ansichtkaarten. Deze zijn door middel van een glazen vouwwand verbonden met de daarachter gelegen boekwinkel. Vanuit de boekwinkel is een nieuwe verbinding gemaakt met een daarnaast gelegen expositieruimte zodat aan beide zijden van de middenas een ‘stromende’ opeenvolging van ruimten is ontstaan.

Aan dit gevoel van een ‘stromende ruimte’ dragen ook de twee doorbraken bij die gemaakt zijn tussen de receptie, de garderobe en het centrale trappenhuis. Hierdoor kan men nu, na het afhalen van de toegangskaarten, direct omhoog naar de grote zaal en na afloop van een voorstelling direct naar de garderobe. Daarbij brengen deze doorbraken ook licht in het trappenhuis en versterken ze de ruimtelijke beleving.

Toch werken al deze ingrepen niet als een aantasting van de ruimtelijke structuur van het Goetheanum, maar maken ze eerder de oorspronkelijke, veel opener opzet ervan beleefbaar. Tevens ontstaat er daardoor een interessante ruimtelijke polariteit tussen het open en stromende karakter van de ruimten in het entreegebied en het besloten, geconcentreerde karakter van de grote zaal op de tweede verdieping.

Vormgeving balies
Zowel voor de receptie als voor de boekhandel en het cafetaria moesten nieuwe, lange balies ontworpen worden waaraan meerdere mensen tegelijkertijd geholpen kunnen worden. Deze balies heeft Dunselman benut om de bezoekers op te vangen en verder door het gebouw te leiden.  Door hun geknikte vorm sluiten ze aan bij de dynamiek van de plattegrond en versterken ze deze. De horizontale gerichtheid van de vormgeving wordt daarbij ritmisch onderbroken door schuin omhoog komende elementen die de achterzijde van de computers van de medewerkers afdekken en tegelijkertijd de plaatsen markeren waar de baliemedewerkers kunnen worden aangesproken. Begeleid wordt deze beweging door een verlaagd plafondelement waarin de verlichting is geïntegreerd en waaruit transparante informatiepanelen naar beneden komen.

Alle balies rusten op een basis van in het werk gestort beton die ze voor het gevoel stevig aan de vloer verankeren en tevens een verwantschap scheppen met de betonnen sokkel van het Goetheanum. De opbouw van de balies is uitgevoerd in esdoornhout die het geheel een lichte en warme uitstraling geeft.

Zelfs in de detaillering van de kastdeurgreepjes is gezocht naar een verwantschap met de vormentaal van het Goetheanum. Karakteristiek daarvoor is de trapeziumvormige zaal die zich, in tegenstelling tot de meeste zalen, opent in de richting van het toneel. Dit vormmotief keert aan de buitenzijde van het gebouw terug in de beëindiging van de pilasters die de knikken in de balustrade van het terras ritmisch markeren. Op klein formaat en in aangepaste vorm vindt dit motief nu ook zijn toepassing in de grepen van de kastdeuren in de receptie en de boekwinkel, daarmee een subtiele samenhang scheppend tussen het gebouw als geheel en zijn onderdelen.

De centrale foyer
Het door Yaike Dunselman gemaakte ontwerp voorzag ook in een aanpassing van de centraal gelegen foyerruimte die tot dan toe een nogal afgesloten en donker karakter had. Hierin zou licht gebracht worden door een verbinding te maken met de aan beide zijden gelegen lichthoven. Daarna zou hij in gebruik genomen worden als ontmoetings- en expositieruimte. Het had het ‘ruimtelijke hart’ van de begane grond moeten worden waarbij deze ruimte direct en indirect met alle andere ruimten op de begane grond in verbinding zou staan. Door de val van de euro ten opzichte van de Zwitserse frank, begin 2015, moesten de plannen hiervoor echter voorlopig in de ijskast worden gezet. 

Maar ook zonder de uitvoering van dit deel van het plan is een ruimtelijke structuur ontstaan die veel uitnodigender en helderder is dan de oorspronkelijke situatie. Ze doet meer recht aan de ruimtelijke structuur van het Goetheanum en heet haar bezoekers op een nieuwe en eigentijdse manier welkom!

Tekst: Pieter van der Ree
Foto's: Archimage, Hamburg